Ameland
Ameland is een van de vijf bewoonde West-Friese eilanden in de Noordzee en een van de waddeneilanden. Ameland heeft een oppervlakte van 273 vierkante kilometer waarvan 57.57 kilometer land en 215.43 kilometer water. Het eiland heeft 3.460 inwoners (gegevens 2007) wat neerkomt op een bevolkingsdichtheid van 60 inwoners per vierkante kilometer. Het eiland is een populaire vakantiebestemming voor families, school- en vakantiekampen en voor mensen met een camper.
Plaatsen in Ameland
Buren (673 inwoners) is het meest oostelijke dorp op het eiland. Oorspronkelijk een dorp waar men aan landbouw deed en de inwoners inkomen haalden uit het strandjutten.
Nes (1.189 inwoners). Hier is de haven waar de veerboot vanuit Holwerd, Friesland aankomt.
Ballum (371 inwoners). Een dorp ten westen van Nes.In Ballum is het gemeentehuis van het eiland. Hier is ook een kleine luchthaven waar men rondvluchten kan maken.
Hollum (1.296 inwoners). Hier staat de oude vuurtoren die vanaf bijna elke plek op het eiland te zien is. Het is tevens het grootste dorp op het eiland.
Geschiedenis van Ameland
Over de vroege geschiedenis van Ameland is niet al te veel bekend. Er zijn nauwelijks archeologische vondsten of andere bronnen voorhanden. Het is wel bekend dat bij grote stormen in het gebied vissers er hun toevlucht zochten. Mogelijk zijn er toen de eerste bewoners van het eiland gekomen. Mogelijk was er rond het jaar 800 na Christus al een kerkje. De kerk in Hollum staat in ieder geval op de fundamenten van een kerk uit de 12e eeuw. Door een watersnoodramp in 1287 werd het eiland opnieuw vormgegeven.
In 1398 gaven de graven van Holland het eiland in bruikleen aan Arend van Egmond, maar al snel (1400) kwam Ameland weer onder het gezag. In 1405 regelt de Hartwerd Raad (Bolsward) de relatie tussen het eiland en Friesland waarmee er weer een stukje onafhankelijk kwam die in 1428 (Philips de Goede) en in 1469 (Karel de Stoute) bevestigd werd.
Net als op het eiland Terschelling waren ook op Ameland Friezen de baas. Als eerste uit het geslacht Jelmera. Ritske Jelmera laat rond 1400 een klein stenen kasteel bouwen. Hierop volgen diverse families waaronder de familie Heringa. Heringa nam later de naam Cammingha van Hayo aan. In een proces uit 1474 kreeg hij het kasteel toegewezen. Keizer Maximilian I erkende, in 1494, Pieter Cammingha als erfheer van Ameland.
De familie Cammingha heerst meer dan 200 jaar lang op het eiland. In de oorlog tussen Nederland en Spanje bleef het neutraal. De staten van Friesland erkende deze neutraliteit en onafhankelijkheid. De Staten van Holland en de Staten-Generaal erkende de neutraliteit echter niet en zowel Ameland en Terschelling werden korte tijd bezet (1569). De familie had op een gegeven moment geen erfgenamen meer en het eiland ging over naar drie nichten. In 1704 verkochten zij het eiland aan Johan Friso van Oranje-Nassau. Johan Friso was stadhouder van Groningen en Friesland en verkreeg de titel "heer van Ameland". Ameland was nu in handen van de Oranjes. Stadhouder Willem IV en Willem V volgen.
In de 18e eeuw is walvisvaart een belangrijke bron van inkomsten voor de bewoners en is er aanzienlijke welvaart. Rond 1770 wonen naar schatting 130 zeelieden op Ameland die zich met de walvisvangst bezighouden. Aan deze hoogtijdagen komt abrupt een einde als in 1777 een schip komt vast te zitten in het Arctische ijs en velen door bevriezing om het leven komen.
Met de aanleg van dijken kwam er de mogelijkheid om een deel van het eiland te gaan gebruiken voor agrarische doeleinden waardoor het inwoneraantal weer toenam. In 1814 wordt Ameland onderdeel van Friesland wat in de grondwet wordt vastgelegd.
Halverwege de 20e eeuw komt het toerisme op gang. Het toerisme is vandaag de dag nog steeds de belangrijkste bron van inkomsten.
Favorieten: